Nigeriaans gezin met vier kinderen op de dool

  • Ludivine Gaillard werkt voor Cap Migrants in Luik

Ludivine Gaillard vertelt over haar begeleiding en de moeilijkheden van het terugkeertraject

‘Als lid van een oppositiepartij moest Joshua in Nigeria verslagen over de activiteiten van deze partij schrijven. Zijn vader, de leider van de oppositiepartij in zijn dorp, werd vermoord omwille van zijn kritische houding tegenover de regering. Ook Joshua zou met de dood bedreigd zijn als hij zijn politieke activiteiten niet zou staken. Samen met zijn vrouw Naomi en hun vier kinderen ontvluchten ze Nigeria.’

‘Dertien maanden na hun installatie bij ons in het opvanghuis krijgen ze een definitieve negatieve asielbeslissing. Een regularistatieprocedure loopt nog. Amper 24 uur nadat de advocaat me informeert over de negatieve beslissing, krijg ik van Fedasil te horen dat Joshua en Naomi naar de terugkeerplaatsen van Arendonk moeten.’

‘Ik regel een afspraak met het gezin en leg hen nog eens de gevolgen van de negatieve beslissing uit. We bespreken de mogelijkheid om naar de terugkeerplaats te gaan en over wat zij zelf van plan zijn. Op dat moment weet ik nog niet dat de verhuis naar een terugkeerplaats verplicht is. Tijdens ons gesprek komt dan plots het nieuws dat ze naar de terugkeerplaats moeten gaan. Ik ben verrast. Het moet snel gaan en ik kan Joshua en Naomi er niet op voorbereiden omdat ik het nieuws op hetzelfde moment ontdekte.’

We respecteren het belang van het kind niet meer. We luisteren niet meer naar het moeilijke levensverhaal van de asielzoekers. We behandelen hen als vreemdelingen die hun plaats hier niet hebben. Ze hebben zich amper geïnstalleerd in onze opvang en eindelijk wat rust gevonden, of we moeten hen al op het hart drukken dat ze terug naar af moeten. Dat is een beschaafd land onwaardig.

‘Ze zijn helemaal in de war, gedesoriënteerd. Ik kan de angst in hun ogen lezen. Ze vertellen me dat ze in ieder geval niet naar Arendonk gaan, maar dat ze hun plan zullen trekken en bij vrienden zullen aankloppen die hun solidariteit willen tonen. Ondertussen dient de advocaat een beroep in tegen de overplaatsing naar de terugkeerplaats op basis van het belang van het kind en de herhaaldelijke overplaatsingen die het gezin tot nu toe al moest ondergaan.’

‘Niemand, noch onze sociale dienst, noch het gezin zelf, gelooft dat dit beroep kans op slagen heeft. Als de beslissing van de arbeidsrechtbank komt – Fedasil wordt veroordeeld om hen toch in onze opvang te laten – hebben Joshua en Naomi het opvanghuis zelf al verlaten met hun vier kinderen.’
‘Voor mij is dit het bewijs dat deze maatregel, de breuk in het traject, geen enkele zin heeft. Soms kan een breuk wel nodig en zinvol zijn. Voor jongeren in een problematische opvoedingssituatie kan een verandering van omgeving bijvoorbeeld gunstig zijn. Maar hier dringen we een breuk op aan mensen die al zoveel breuken hebben moeten doorstaan, waaronder de ontworteling uit hun land van herkomst en de verschillende overplaatsingen binnen het opvangnetwerk in België.’

‘Het lijkt wel alsof we niet meer kunnen spreken van de opvang van asielzoekers of van toegang tot de rechten die ze bij wet hebben, maar van minimumrechten. Dat kan ik moeilijk aanvaarden. We respecteren het belang van het kind niet meer. We luisteren niet meer naar het moeilijke levensverhaal van de asielzoekers. We behandelen hen als vreemdelingen die hun plaats hier niet hebben. Ze hebben zich amper geïnstalleerd in onze opvang en eindelijk wat rust gevonden, of we moeten hen al op het hart drukken dat ze terug naar af moeten. Dat is een beschaafd land onwaardig.’

Ludivine Gaillard

Klik hier voor meer informatie over Cap Migrants.

meer over het terugkeertraject voor uitgeprocedeerde asielzoekers

In 2012 voerde de regering een terugkeertraject in. Bedoeling was om asielzoekers al vanaf de indiening van een asielaanvraag te informeren over de mogelijkheid van een vrijwillige terugkeer. Binnen vijf dagen na de eerste negatieve beslissing van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) moet de asielzoeker een terugkeertrajectplan ondertekenen. Als ook de rechter in beroep, de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, de asielaanvraag afwijst en als zij nog opgevangen willen worden, moeten de afgewezen asielzoekers verhuizen. Van hun gewone opvangplaats naar een open terugkeerplaats in Arendonk, Jodoigne, Sint-Truiden of Poelkapelle. Van daaruit moeten ze dan hun vrijwillige terugkeer voorbereiden. Ze krijgen dertig dagen om het land te verlaten. Het is de enige plaats waar ze tijdens die dagen nog kunnen genieten van een recht op opvang.1

De overplaatsing gebeurt haast zonder onderscheid volgens profiel of kwetsbaarheid. Er is geen sprake van een begeleidingstraject op maat.2 Als afgewezen asielzoekers niet binnen de drie dagen naar de terugkeerplaats gaan, belanden ze op straat. In de terugkeerplaatsen werken Fedasil, het Federaal agentschap voor de opvang van asielzoekers en de Dienst Vreemdelingenzaken nauw samen en wisselen ze informatie uit.

Maar veeleer dan de afgewezen asielzoekers echt te begeleiden naar een realistisch toekomstperspectief wordt er gedreigd met opsluiting als ze niet willen terugkeren. Na vijftien dagen moeten ze zich al voor een vrijwillige terugkeer geëngageerd hebben. Bedoeling is alles af te handelen binnen de termijn van het uitwijzingsbevel, namelijk dertig dagen. Op dag dertig kan een verblijf in de terugkeerplaats enkel worden verlengd om de vrijwillige terugkeer uit te voeren, of, heel uitzonderlijk, in geval van een zware medische problematiek. Mensen die op die dag niet zijn teruggekeerd maar die ook niet gedwongen kunnen worden verwijderd, bv. omdat hun identificatie moeilijk verloopt, worden door de Belgische overheid op straat gezet. Mensen die in de terugkeerplaats een tweede asielaanvraag indienen en die wordt in overweging genomen, moeten terug naar de gewone opvang. Naar weer een ander centrum dan het centrum waar ze vóór de terugkeerplaats zaten.

----
1) Asielzoekers uit een land dat als veilig wordt beschouwd, moeten al vanaf de eerste negatieve beslissing naar een terugkeerplaats.
2) Slechts een kleine groep asielzoekers is vrijgesteld van overdracht naar een terugkeerplaats. Volgende mensen krijgen tijdens de dertig dagen om het land te verlaten (of na de dertig dagen in geval van een verlenging) een terugkeerbegeleiding in de gewone opvangstructuur: schoolgaande kinderen, ouders van een Belgisch kind, familiale eenheid, engagement vrijwillige terugkeer met reisdocumenten op het moment van de toewijzing terugkeerplaats, medische contra-indicatie (volgende patiënten: gehospitaliseerde patiënt, patiënt in hemodialyse, patiënt in peritoneale dialyse, bedlegerige patiënt, rolstoelpatiënt, patiënt in behandeling voor tuberculose, patiënt in chemotherapie of radiotherapie tot één maand na het einde van de behandeling, zwangere vrouw vanaf drie maanden voor de uitgerekende bevallingsdatum tot één maand na de bevalling).