Afghaanse vrouw verkracht

  • Anne Demuysere werkt voor CAW Middenkust in Oostende

Anne Demuysere vertelt over haar begeleiding en de moeilijkheden van het terugkeertraject

Jawid en Khatira zijn op de vlucht voor de Taliban in Afghanistan. Ze behoren tot de sterk vervolgde Hazari-minderheid. Ze vluchten naar België en vragen asiel aan. Net wanneer ze bij ons in het appartement in Oostende aankomen, wijst het Commissariaat-generaal hun asielaanvraag af. In onze individuele opvang kunnen ze net zelfstandiger gaan leven en integreren in België, maar tegelijk moeten we hen nu vragen een document te ondertekenen over vrijwillige terugkeer. Dat zijn te veel verwarrende boodschappen op te korte tijd. Daarbovenop zouden wij moeten kunnen doordringen tot de mensen om hun noden te leren kennen. Zonder tolk is dat sowieso heel moeilijk.’

‘Khatira probeert al een tijdje zwanger te worden. Het is een zeer gevoelig onderwerp voor deze Afghanen, maar ik bouw een sterke vertrouwensband met hen op. Zo sterk dat Khatira me toevertrouwt dat ze verkracht werd door Taliban. Met één traan toont ze haar onderdrukt verdriet. Het woord “verkrachting” durft ze nooit in de mond te nemen. Ik probeer haar gerust te stellen, en toch, hoe moeilijk dat ook is, breng ik ook een eventuele terugkeer ter sprake.’ 

Ze moeten naar de terugkeerplaatsen in Poelkapelle, wat een opvolging moeilijk maakt. Ik moet heel hun medische en psychologische situatie uitleggen aan de directie van de terugkeerplaatsen.

‘Dan komt de definitieve negatieve beslissing in beroep. En net in die dagen krijgt Kathira te horen dat ze zwanger is. Jawid en Khatira willen een nieuwe asielaanvraag indienen. Khatira voelt zich nu pas klaar om over de verkrachting te spreken. Ze had het in het eerste interview niet ter sprake durven brengen. Ze zijn timide en gesloten. Het Commissariaat-generaal ontkent niet dat hun dorp gevaarlijk is, maar zegt dat Jawid en Khatira niet “aantonen dat ze daar gewoond hebben”. Ik wist van in het begin dat ze hun verhaal heel slecht zouden brengen voor het asielinterview.’

‘Ik had hen graag verder begeleid in al die gevoelige stappen, maar helaas moet ik ze net op dat moment laten gaan. Ze moeten naar de terugkeerplaatsen in Poelkapelle, wat een opvolging moeilijk maakt. Ik moet heel hun medische en psychologische situatie uitleggen aan de directie van de terugkeerplaatsen. Om haar verkrachting te bewijzen voor de tweede asielaanvraag moet ze naar de gynaecoloog. Ze wil enkel naar haar eigen gynaecoloog in Oostende. En als hun tweede asielaanvraag zou behandeld worden, zouden ze niet eens terug naar Oostende mogen komen maar zouden ze naar een opvangcentrum moeten gaan dat Fedasil hen toewijst. Waarom kan ik dit koppel niet gewoon verder begeleiden vanuit onze opvang in Oostende?’

Anne Demuysere

'wij geven geen signaal, wij moeten een schok toedienen'

Volgens de regering is de verhuis naar een terugkeerplaats een signaal dat de afgewezen asielzoeker aanzet om terug te keren. Begeleiders getuigen dat de verhuis asielzoekers eerder een schok toedient, dan dat het hen een signaal geeft.

Een terugkeertraject met weinig ruimte, tijd en flexibiliteit voor begeleiders en asielzoekers leidt tot een plotse breuk in de relatie tussen beide. Op een paar dagen moeten asielzoekers rouwen om de mislukking van hun migratieproject én zeer moeilijke beslissingen nemen. Door de overplaatsing naar een terugkeerplaats verliezen ze de weinige oriëntatiepunten die ze tijdens hun opvang in België hadden. Ze verliezen hun houvast en begrijpen niet wat hen overkomt, noch waarom ze binnen de drie dagen moeten verhuizen.

Angst en woede steken de kop op, soms ook zelfmoordpogingen, depressies, slaapproblemen, trauma’s, huiselijk geweld en spoedopnames in het ziekenhuis. Het beleid volgt vooral een manage­mentlogica en beschouwt de menselijke kwetsbaarheden veeleer als externe factoren. Het houdt geen rekening met de ervaring van de begeleiders op het terrein.

Deze managementbenadering kan kwetsbaarheden verergeren en de begeleiding bemoeilijken. Uit de verhalen van de begeleiders blijkt dat kwetsbaarheden eerst moeten bovendrijven, en escaleren in een drama, voordat de administratie passende maatregelen treft. Alsof het pas dan duidelijk wordt dat we niet met dossiers, maar met mensen werken. Zwangere vrouwen, psychisch of fysiek zieke asielzoekers die in behandeling zijn, schoolgaande kinderen: zo goed als iedereen8 moet op drie dagen verhuizen, ook al is het de zoveelste verhuis op een paar maanden. En dat terwijl een integratie van die menselijke aspecten net de sleutel is tot een geslaagd traject.

---
“Het bestaan van een terugkeercentrum op zich stoort me niet. Er moet ooit een einde komen aan onze hulpverlening, begeleiding en opvang. Wat me stoort, is de manier waarop het is georganiseerd. Mijn werk is vervormd. Ik heb het gevoel direct voor de staatssecretaris te werken.”  (Parvin Mohseni, Seso)

Anne Demuysere vertelt over Jawid en Khatira uit Afghanistan