Nieuws

Gezocht: regering met respect voor mensenrechten

PERSBERICHT

 
De vrees van enkele ngo’s over de gevolgen van de samenwerking van België met de Soedanese veiligheidsdiensten is jammer genoeg terecht gebleken. Vluchtelingenwerk Vlaanderen, Amnesty International, 11.11.11 en de Liga voor Mensenrechten eisen dan ook dat de regering en staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken hun verantwoordelijkheid opnemen en de fundamenten van onze rechtsstaat respecteren. Zij verwachten een ernstig debat deze middag in de Kamer. 
 

DEBAT GEDWONGEN TERUGKEER SOEDAN WELKE ELEMENTEN ZIJN VAN BELANG?

Artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, het verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling, is een absoluut recht. Het is altijd van toepassing, uitzonderingen zijn niet toegestaan. Het speelt een sleutelrol in het terugkeerbeleid. Een overheid mag dus nooit iemand terugsturen naar een land waar die persoon een reëel risico loopt op foltering of andere mishandeling. Of iemand asiel aanvraagt, is daarbij niet van belang. Of effectief foltering of mishandeling plaatsvindt, evenmin. Iemand aan de mogelijkheid blootstellen, volstaat om het folterverbod te schenden.

Dat veronderstelt een grondig onderzoek naar het risico op foltering bij terugkeer. De overheid moet dus uitsluiten dat er een reëel risico op foltering bestaat. Het is niet aan de betrokkene om aan te tonen dat hij bij terugkeer gefolterd zal worden. Volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens hebben de nationale autoriteiten de plicht om uit eigen beweging alle beschikbare informatie te beoordelen vooraleer een beslissing te nemen over een uitwijzing. Die informatie kan bestaan uit internationale rapporten en getuigenissen.

Ondanks vele debatten daarover in het Federaal Parlement is het nog steeds niet duidelijk hoe het onderzoek naar eventuele mensenrechtenschendingen in een land als Soedan dan gebeurt. Zo stelde de staatssecretaris dat mensen asiel zouden moeten aanvragen, willen zij een risico op foltering uitsluiten. De directeur-generaal van de Dienst Vreemdelingenzaken, daarentegen, verklaarde dat de Dienst Vreemdelingenzaken die toetsing altijd uitvoert bij uitwijzingen, zij het summier.

Wij betwijfelen of zo'n summier onderzoek voldoende waarborgen biedt. Er waren in dit geval immers verschillende bronnen beschikbaar die wezen op het reële risico op foltering, waaronder getuigenissen in internationale rapporten. Bovendien beschikt de staatssecretaris sinds eind oktober over informatie van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen, die eveneens bevestigt dat Soedanezen afkomstig uit bepaalde regio's een reëel risico lopen op foltering. De overheid had dus een grondiger onderzoek kunnen en moeten voeren naar het profiel van de aangehouden Soedanezen.

De getuigenissen over gefolterde of mishandelde Soedanezen die eind december in de media verschenen, baren ons ernstige zorgen. De overheid voerde in haar dossiers geen grondig onderzoek en kwam daardoor haar internationale verplichtingen niet na. Bovendien stelde onze overheid met de identificatiemissies Soedanese mensen bloot aan hun overheid, hun potentiële vervolgers. De staatssecretaris gaf in het parlement toe dat er wel een ambtenaar van de Dienst Vreemdelingenzaken aanwezig was bij die identificatie, maar dat hij – bij gebrek aan een tolk – niet kon verstaan wat er werd gezegd. De overheid stelt mensen bloot aan een regime dat bekendstaat om zijn totale gebrek aan respect voor de mensenrechten, maar neemt niet de nodige maatregelen om adequaat te kunnen toezien op die identificatiemissie. Dat is een ernstig falen.

Wij zijn tevreden dat alle repatriëringen naar Soedan voorlopig geschorst zijn. Maar daar mag het niet bij blijven. Wij eisen dat onze regering en de staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken hun verantwoordelijkheid opnemen en de fundamenten van onze rechtsstaat respecteren. Daarom vragen wij dat onze regering: 

  • uiterste voorzichtigheid aan de dag legt bij samenwerking met autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor ernstige mensenrechtenschendingen en de nodige controle behoudt over een eventuele samenwerking;
  • in het geval van uitwijzing - ook buiten de asielprocedure - plaatsmaakt voor een grondige toetsing van de regionale context aan de fundamentele mensenrechten;
  • alle mensen in administratieve detentie die momenteel niet kunnen worden verwijderd, vrijlaat. Een persoon die niet kan worden teruggestuurd mag volgens het internationaal recht niet opgesloten blijven.

 
Ondertekenaars:
Amnesty International | 11.11.11 | Liga voor Mensenrechten | Vluchtelingenwerk Vlaanderen

 

Beleidsnota zet in op verdere ontradingsmaatregelen en afbraak van rechten

Organisaties die bijgaande analyse van de beleidsnota Asiel en Migratie (november 2017) onderschrijven

Vandaag hebben de federale parlementsleden in de commissie Binnenlandse Zaken hun bespreking verdergezet van de beleidsnota Asiel en Migratie. In die nota (van 19/10/17) formuleert staatssecretaris Theo Francken zijn prioriteiten voor het komende jaar. Samen met 20 andere organisaties reikte Vluchtelingenwerk Vlaanderen de parlementsleden een uitgebreide analyse aan.

We vragen dat de beleidsmakers in het uitvoeren van hun beleid rekening houden met onze bezorgdheden, om zo een optimale rechtsbescherming te waarborgen.

Wat valt ons op wanneer we de jongste beleidsnota Asiel en Migratie lezen? De staatssecretaris blijft kiezen voor een beleid van wantrouwen, terugsturen en beperken van rechten. We herhalen nog eens de zorgwekkende punten die we eerder meegaven in ons persbericht van 30/10/2017:

  • De versnelde procedure voor bv. mensen die uit zogenaamde veilige landen komen en mensen die een meervoudige asielaanvraag indienden, terwijl iedereen recht heeft op een kwaliteitsvolle asielprocedure die ruimte laat voor een grondig onderzoek
  • De detentie van gezinnen met minderjarige kinderen, een fundamentele schending van de Rechten van het Kind
  • Het sluiten van deals met derde landen die de mensenrechten niet respecteren

Klik hier om de beleidsnota volledig te raadplegen. 

Onze uitgebreide analyse bij de beleidsnota kun je hier terugvinden

Eerste reactie na verbod uitwijzing Soedanezen

De rechtbank van eerste aanleg in Luik heeft gisteren de uitwijzing verboden van Soedanezen die in het gesloten centrum van Vottem verblijven. Vluchtelingenwerk is blij met deze uitspraak en benadrukt dat zo'n verbod ook moet gelden voor de Soedanezen die in andere centra verblijven.  We hopen dat dit het huidige beleid beëindigt waarbij Soedanezen worden opgesloten, geïdentificeerd en verwijderd met hulp van de Soedanese overheid. Volgens internationaal recht heeft iedereen immers recht een individueel en onafhankelijk onderzoek naar de gevaren bij terugkeer. Wie een risico loopt, of voor wie een degelijk onderzoek niet werd gevoerd, zoals bij de Soedanezen, kan dan ook niet worden teruggestuurd.

Iemand die niet teruggestuurd kan worden hoeft ook niet opgesloten te blijven. We herhalen dan ook onze eis om alle mensen vrij te laten die niet met het oog op verwijdering verder kunnen worden vastgehouden. Hieronder vind je een eerste reactie die we gisteren samen met Amnesty uitstuurden naar de pers.

'Het vonnis stelt terecht dat de beslissingen tot gedwongen verwijdering niet afdoende onderzocht en gemotiveerd zijn. De Belgische autoriteiten moeten voor ieder individuele Soedanees nagaan of hij of zij geen reëel risico loopt op ernstige mensenrechtenschendingen bij terugkeer. Dat is hier niet gebeurd. Dit is een flagrante schending van het internationaal recht.'

'De Soedanezen mogen niet onder dwang verwijderd worden zolang de Belgische autoriteiten niet kunnen aantonen dat deze risicoanalyse terdege is uitgevoerd in ieder individueel geval.'