Griet werkt als vrijwilligster in ons Startpunt. Ze goot haar eerste indrukken in een blog.

De energie van geven

Jaren heb ik het weggeduwd, verzwegen en geminimaliseerd. Maar wat écht is en de kern van wie je bent, stop je niet zomaar in het eerste het beste hoekje van de kamer om er af en toe van ver eens naar te loeren. En dus kwam het er ongehoorzaam weer uit.

Ongevraagd en schaamteloos stond het me al een hele tijd recht in het gezicht aan te kijken. Of ik er nu eindelijk wat aandacht wou aan besteden? Of ik de verloochening nog lang zou willen en kunnen volhouden?

Het heeft gewonnen, dat gevoel van waarlijk wat te betekenen in het leven van iemand anders. Beter gezegd, ik heb het laten winnen. En met die beslissing ging m'n hart helemaal open staan. In geen tijd stond ik weer in mijn jongere jaren in Gent: Nederlandse les aan anderstaligen, uitwisselen, verrijken, delen, op weg helpen en geholpen worden.

Dat overweldigende 'juist' zitten met wat je doet in je leven, overviel me op een willekeurig uitgekozen woensdag in september opnieuw. Ik mocht als vrijwilliger aan de slag in het Startpunt, een hartverwarmend initiatief van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. 'Mocht' ja, want ik heb het als een voorrecht ervaren, geen opdracht.

Asielzoekers die rond 's middags rond twaalf uur bij Fedasil zijn, moeten tijdens de middagpauze van de ambtenaren het gebouw verlaten. Om één uur mogen ze opnieuw binnen. Van dat gaatje in hun dag vol vragenlijsten, vingerafdrukken en ander verwarrends maken de vrijwilligers gebruik om deze mensen wat warmte te geven. In de vorm van een kom dampende soep met brood, een thee of koffie en iemand die ze uitlegt wat hun te wachten staat in de procedure. Een speldenprik aan menselijkheid die de blik in hun ogen wat zachter maakt.

Om half twaalf begin ik zakken vol kraakverse stokbroden te snijden. Nizar zet verse koffie, maakt thee en bereidt de tafels voor. Samen halen we de verse soep op. Om de hoek, in dienstencentrum De Harmonie. Ik duikel van de ene warme ontmoeting in de andere. Wat mensen hier dagelijks neerzetten aan liefde en zorg staat mijlenver van de publieke opinie die, gestuurd door een enorme angst en onwetendheid, als een bezetene speurt naar negatieve feiten die haar gelijk onderstrepen.

Met ruim tien zijn we. Paraat om het komende uur recht te zetten wat scheef is gaan lopen in onze samenleving: respect voor iedereen als mens. En ook al ben ik hier vandaag voor het eerst, ik maak meteen deel uit van een goed geolied team dat zonder veel woorden en met vijf talen per zin, weet waarvoor het hier is.

Er komt meer volk dan verwacht en af en toe moeten we de stroom hongerige vluchtelingen even doen wachten bij de deur. De vraag of dit initiatief nodig is, is overbodig. Als deze mensen gevoed en geïnformeerd terugkeren naar Fedasil, beginnen we aan de opkuis. We praten, vertellen over ons leven en lachen. Kortom, we maken verbinding. Als een wat oudere Indische man het lokaal binnenstapt, groet iedereen hem hartelijk. Hij houdt een grote kom vast... 'Verse Indische rijst met kip voor jullie', zegt hij.

Ik ril van ontroering. Zonder dat een overheid of bestuur zich er iets van aantrekt, komt hier spontaan puur menselijke zorg op gang. Voor mij het zuivere bewijs dat goed nog meer goeds aantrekt. Wie zo in het leven staat, beleeft een heel andere realiteit!

Griet Van Beveren