De brieven van Theo Francken: Informatie of ontrading?

  • Brief Afghanen

Ieder mens heeft er baat bij zijn rechten en plichten te kennen, om op basis daarvan zelfstandig eigen keuzes te kunnen maken. Ook asielzoekers hebben nood aan en recht op correcte en betrouwbare informatie over de asielprocedure. Daar hamert Vluchtelingenwerk al jaren op. Daarom organiseren we al jaren ons Startpunt, waar pas aangekomen asielzoekers terecht kunnen voor informatie en een kop soep. Daarom bemannen wij al jaren een juridische helpdesk die allerlei vragen over de asielprocedure beantwoordt. Sinds kort doen we dat met eigen middelen. De overheid vindt een dergelijk informatief project blijkbaar niet langer prioritair. We zijn dus vurige voorstanders en bepleiters van het recht op en de noodzaak aan informatie voor mensen op de vlucht.

Wanneer informatie subjectief wordt en informeren verdacht veel op ontraden lijkt, dan horen we echter alarmbellen rinkelen.

In een reeks brieven aan asielzoekers, die staatssecretaris Theo Francken eind vorig jaar schreef, is de neutraliteit en objectiviteit die we van overheidsinstanties mogen verwachten duidelijk zoek. Toon, terminologie en inhoud van de brieven zijn niet enkel gespeend van veel empathie, maar vooral bedreigen ze het fundamentele recht om asiel aan te vragen wanneer men vlucht voor oorlog, geweld en vervolging.

De brieven benadrukken het feit dat ons asielsysteem overbelast is en een beslissing dus erg lang op zich kan laten wachten. Nergens wordt vermeld dat wie recht heeft op asiel dat asiel ook zal krijgen. De staatssecretaris misbruikt de tekortkomingen van het systeem – die overigens op te lossen vallen - als argument om asielzoekers af te schrikken.

In de brief die Francken in december 2015 schreef aan de Afghaanse asielzoekers ging hij nog een stap verder: zij werden namelijk aangespoord om niet uit hun thuisland te vertrekken. De brief stelt dat ‘mensensmokkelaars betalen om naar Europa te komen tijd- en geldverspilling is’ omdat het hen in gevaar brengt en er geen zekerheid bestaat op de uitkomst van hun asielprocedure. Welke keuze hebben Afghaanse asielzoekers dan wel volgens de staatssecretaris? Het zekere (vervolging en oorlog) voor het onzekere (uitkomst van de asielprocedure) nemen? Feit is en blijft dat er geen legale manier is voor vluchtelingen om naar België te reizen. Mensensmokkelaars betalen is dus geen keuze, maar een noodzaak, die bovendien het gevolg is van een onwillig beleid dat geen oren heeft naar de smeekbede om veilige toegang.

Alle brieven bevatten minstens onvolledige en soms ronduit verkeerde informatie. Zo stelt de brief naar alle asielzoekers dat vluchtelingen slechts een tijdelijke verblijfsvergunning krijgen. Hiermee verwijst de staatssecretaris naar een wetsontwerp dat nog niet van kracht is. Wetvoorstellen presenteren alsof ze al geldig zijn, dat heet misleiding.

Met deze brieven ging de staatssecretaris echt wel zijn boekje te buiten.

Federaal Migratiecentrum Myria diende dan ook terecht klacht in tegen de staatssecretaris bij de Europese Commissie. Dat deed het centrum na uitvoerige interpellatie en grondig onderzoek van de feiten. Het is ook de eerste keer dat Myria een dergelijke juridische stap zet. Myria handelt keurig in overeenstemming met zijn wettelijke opdracht: op een onafhankelijke wijze waken over de grondrechten van vreemdelingen.

Uiteraard moeten overheden asielzoekers correct en objectief informeren over hun rechten en plichten. Laat dat nu net de taak zijn van neutrale asiel- en opvanginstanties, niet van politici. Als de overheid zich echt bekommert om het recht op informatie en de vlotte doorstroming van diezelfde informatie naar asielzoekers, dan moet ze inzetten op en investeren in de informatieve taak van de bestaande instanties, Dienst Vreemdelingenzaken en het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen. Dan moet ze middenveldorganisaties die deze taak ter harte nemen hier ook de middelen voor geven. Als die doorstroming van informatie niet optimaal verloopt, dan moet men dat probleem oplossen, wat wellicht minder tijd vraagt en duurzamer is dan brieven schrijven.

Deze brieven zijn niet zomaar een uitschieter. Ze zijn symptoom van de ‘race to the bottom’ van EU-landen zoals België en Nederland, die niet eens zo zwaar onder druk staan als de Europese grenslanden wat betreft het registreren en opvangen van mensen op de vlucht.