De opsluiting van kinderen in de gesloten centra voor vreemdelingen wordt al jaren bekritiseerd. In oktober 2008 startte de regering met een pilootproject om aan deze praktijk een einde te stellen: gezinnen die België moeten verlaten worden voortaan ondergebracht in een “terugkeerwoning”. Daar begeleiden “terugkeercoaches” van de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) hen bij hun verplicht vertrek uit België. Van 1 oktober 2008 tot 31 oktober 2009 passeerden 56 gezinnen met in totaal 104 kinderen langs de woonunits.
‘Een belangrijk resultaat is dat er op dit moment geen minderjarige kinderen meer worden opgesloten in gesloten centra. Ondanks het feit dat de woonunits open zijn, bleef toch 79% van de gezinnen in contact met hun terugkeercoaches, dus ter beschikking van de DVZ. Opsluiting is dus niet nodig om met gezinnen te werken aan een terugkeer of een verder verblijf,’ zegt Pieter Stockmans van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. Al van bij de start van het pilootproject volgen Vluchtelingenwerk en de Beweging Kinderen Zonder Papieren het project op de voet. Samen met 7 andere organisaties waaronder Amnesty International en Unicef publiceren ze het rapport ‘Een alternatief voor de opsluiting van gezinnen met kinderen: evaluatie na één jaar werking’.
‘Het project moet worden toegejuicht,’ zegt Stockmans, ‘maar wil het kans op slagen hebben op lange termijn dan moeten de woonunits als alternatief voor opsluiting duurzaam worden in plaats van enkel een project. Het is belangrijk nu werk te maken van de fase vóór de woonunits. Wij vragen dat de Belgische autoriteiten steeds minder tot een gedwongen terugkeer overgaan,’ vervolgt hij. Een plotse, gedwongen overbrenging naar een woonunit blijft een traumatische ervaring voor de kinderen en hun ouders. De organisaties benadrukken dan ook dat de Staatssecretaris voor maatschappelijke integratie in de asielopvang een begeleidingstraject moet uitwerken, waarbij men alle verblijfsopties grondig onderzoekt en waarbij men in geval van terugkeer maximaal inzet op vrijwillige terugkeer. ‘Pas als het begeleidingstraject in de asielopvang op niets uitdraait, kan een overbrenging naar de woonunits worden overwogen. In dat geval moedigen wij aan dat de DVZ gezinnen niet langer opsluit, maar onderbrengt in open woonunits,’ besluit Stockmans.
De vooruitgang op het terrein blijft bovendien fragiel. Zoals de Federale Ombudsman stelde in zijn recent rapport over de gesloten centra: ‘(…) het gaat om een politieke beslissing, waarvan het niet zeker is dat deze zal gehandhaafd blijven. Een terugkeer naar de voorgaande praktijk blijft zeker denkbaar.’ De organisaties pleiten daarom voor een wettelijke verankering van het verbod op de opsluiting van kinderen.