De tieners van Juna in Aalst hebben gisteren bezoek gekregen van Koningin Paola. “De komst van de koningin was ruim op voorhand aangekondigd”, zegt Johan Van der Auweraert, directeur van Juna, “maar de meeste jongeren geloofden het eerst niet. Voor hen is een koningin iets compleet onbereikbaar.”
Juna, een groot huis in een rustige buurt in het Oost-Vlaamse Aalst, herbergt zo’n 20 buitenlandse tieners tussen 12 en 18 jaar. Allemaal kinderen die in hun eentje hun geboorteland ontvluchtten en in België terechtkwamen. Hun ouders zijn vaak dood, vermist of onvindbaar. Johan Van der Auweraert leidt de vzw “Juna” nu bijna vier jaar. De 20 alleenstaande kinderen blijken het topje van de ijsberg.
Johan Van der Auweraert: “Jaarlijks komen er in ons land 1000 tot 1500 niet begeleide minderjarigen toe. Dat is een grote groep die nood heeft aan een aparte begeleiding. Elk kind moet een onderkomen krijgen. Het merendeel vindt dat binnen het eigen netwerk: bij familie, vrienden of bij mensen die ze ontmoet hebben. Zo’n vijfhonderd kinderen en jongeren krijgen opvang in een federaal asielcentrum of een lokaal opvanginitiatief. Een veel kleiner aantal kan terecht in residentiële voorzieningen van de bijzondere jeugdzorg. Af en toe komt zo’n kind in een pleeggezin terecht.”
Welke jongeren komen bij “Juna” terecht?
Sinds 2004 krijgt elke niet-begeleide minderjarige een voogd toegewezen. Die is juridisch verantwoordelijk voor de jongere. Hij moet hem bijvoorbeeld inschrijven in een school, toestemming geven voor een medische operatie of de verblijfsprocedure opstarten. Als die voogd vaststelt dat de jongen of het meisje voor wie hij verantwoordelijk is extra zorg nodig heeft, neemt hij contact op met Bijzondere Jeugdzorg. Die kan de jongere aan ons toewijzen. Jongens en meisjes die naar ons komen, verblijven hier gemiddeld een jaar.
Zijn het dan vooral probleemjongeren?
Ja, maar niet omdat ze iets mispeuterd hebben want die jongeren moeten voor de jeugdrechter verschijnen. De jeugdrechter kan ook aan ons toewijzen maar dat gebeurt in mindere mate. Wij richten ons vooral op kwetsbare jongeren maar blijven afhankelijk van wie ons wordt aangereikt.
Van waar zijn de meeste bewoners van Juna afkomstig?
Op dit ogenblik wonen hier veel jongeren uit Afrika. Twee jaar geleden kwam het merendeel uit Europa. Een belangrijk aandachtspunt is dat niet te veel jongeren dezelfde nationaliteit hebben. Als je vier gasten uit Ethiopië hebt, gaan die onderling hun eigen taal spreken. Dan krijg je binnen de groep een subgroep die zich afzondert van de rest en dat is niet de bedoeling.
Waarom verlaten jongeren hun geboorteland?
Dat is niet altijd makkelijk te achterhalen. Wel merken we vaak dat ze hun ouders verloren hebben of dat ze door omstandigheden van hen gescheiden zijn geraakt. Bij meisjes komt het voor dat ze gevlucht zijn voor een nakende besnijdenis.
Hoeveel begeleiders werken hier?
De begeleiding is erg intensief. De gemiddelde leeftijd van de jongeren is 15 jaar, echte pubers dus. We hebben 10 begeleiders die 4/5 werken. We hebben vooral ervaren opvoeders nodig, maar ook psychologen en orthopedagogen kunnen hier als begeleider aan de slag. Als communicatietaal hebben we bewust gekozen voor het Nederlands. Dat is niet altijd evident. Er kan ongelooflijk veel mislopen omwille van slechte communicatie. We werken met twee leefgroepen. Juna primo, waar 10 jongeren opgevangen en begeleid worden en Juna secundo waar maximum 5 jongeren vanaf hun 16de kunnen instappen. Juna secundo is een leefgroep met verhoogde zelfstandigheid. Dat betekent dat de jongeren zelf koken, hun eigen budget beheren, zelf moeten opstaan om naar school te gaan. Sommigen hebben zo’n doorstromingsperspectief nodig.
Wat voor relatie hebben de jongeren met hun voogd?
In de wet staat dat de voogd een vertrouwensband moet opbouwen met de minderjarige maar in de praktijk kan een voogd dat niet. Een vertrouwensband creëer je alleen als je de jongere geregeld ziet. De meeste voogden komen hier zelden. Hun profiel is troebel. De ene voogd heeft de verantwoordelijkheid over 25 minderjarigen, de andere is voogd van 2 jongeren. De belangrijkste taak van de voogd is actief werk maken van de verblijfssituatie van het kind. Dat gebeurt nog te weinig.
Hoe anders is de begeleiding van de jongeren die in grootschalige asielcentra terechtkomen?
Een gewoon asielcentrum heeft wel aparte structuren voor minderjarigen maar ze zijn veel grootschaliger en er leven ook volwassenen en gezinnen met kinderen. Niet alle jongeren hebben nood aan de intensieve hulp die wij bieden. Toch vermoed ik dat er heel wat verdoken problemen zijn. Problemen van jongeren worden niet altijd opgemerkt of de sociale druk van de groep is zo groot dat moeilijkheden niet aan de oppervlakte komen. Als je in het weekend één begeleider hebt voor vijftig jongeren kan die onmogelijk alles zien. Bij ons zijn er altijd 2 tot 3 begeleiders aanwezig voor een groep van 10 tot 15 jongeren. Een normale manier van opgroeien vereist kleinschaligheid.
Verdwijnen jongeren soms?
Vlak na hun binnenkomst in België komen de kinderen eerst terecht in één van de twee federale opvangcentra van Steenokkerzeel en Neder-Over-Heembeek – waar het kind vlak na binnenkomst terechtkomt. Daar verdwijnt 40 tot 50 procent. Waarom? Sommigen zijn op doorreis naar Groot-Brittannië, anderen vertrouwen het niet of horen van mensensmokkelaars dat ze daar best niet blijven. Ze zijn het bovendien gewend om hun plan te trekken.
Wij zijn meestal het tweede opvangnet. Verdwijningen bij ons zijn dan ook minimaal. Vorig jaar hadden we er één. Wij hebben beveiligde opvang. Zo moet de jongere om de voordeur te openen de sleutel vragen. Op het gelijkvloers kunnen de ramen van de kamers niet open. Gsm’s zijn verboden en telefoneren kan niet zonder toelating van de begeleiders.
Toch blijft het moeilijk om te oordelen of een verdwijning onrustwekkend is. Net als andere pubers kruipen jongeren hier ’s nachts ook uit het raam om tegen de ochtend terug te keren. Child Focus bijvoorbeeld vertrekt altijd vanuit de vraag: ‘Is dit gedrag abnormaal voor deze jongere?’ Het hangt allemaal af van de situatie of het milieu waarin zo’n tiener terechtkomt.
Wat zijn zoal de belangrijkste problemen bij jongeren uit verschillende culturen die met elkaar samenleven?
De communicatie. En het feit dat je als begeleider te weinig preventief kan werken. Voor kinderen met ernstige gedragsproblemen bijvoorbeeld zijn wij niet de aangepaste setting en hebben we te weinig instrumenten om dan snel in te grijpen. Ik herinner me een jongen uit India die zoveel amok maakte dat zowel de begeleiders als de andere jongeren zich bedreigd voelden. We hebben meermaals de politie erbij gehaald maar die wilde geen proces verbaal opmaken. Noodgedwongen is de situatie geëscaleerd. Pas toen werd er ingegrepen en dat is jammer.
En de positieve verhalen?
Je ziet jongeren sterk evolueren. Ze komen hier gekwetst binnen en stilaan bloeien ze open. Ze komen hier tot rust, letterlijk “kunnen” uitrusten is dat soms. Geregeld slagen we erin zo’n jongere een toekomstperspectief te bieden. Dat kan een verblijf in België zijn of terugkeer. Recent hadden we een Tsjetsjeense jongen die een half jaar geleden voor het eerst begon te praten over terugkeer naar Tsjetsjenië. We hebben toen samen met hem de tijd genomen om dit te overdenken en voor te bereiden. Nu is hij teruggekeerd en voelt hij zich supergelukkig met zijn beslissing.
En het bezoek van de koningin? Hoe reageren ze daarop?
Dat is heel plezant voor hen hoewel sommigen denken dat daarna al hun problemen opgelost zijn. Eentje zei bijvoorbeeld: “Ik laat me met de koningin fotograferen en neem die foto mee naar school. Dan zullen ze wel stoppen met mij te pesten.”
Voor de politieke agenda is het bezoek van Paola hopelijk ook een goede zaak. Wij ervaren bij de overheid wel wat moeheid. De aandacht voor het thema ebt een beetje weg en dringende problemen zoals een samenwerkingsakkoord tussen de verschillende bevoegde overheden, een gepaste dispatching in het belang van de minderjarige, of een evaluatie en bijsturing van de voogdijwet, lijken op de lange baan te worden geschoven. Daarom is het leuk dat er vanuit die hoek aandacht komt voor alleenstaande minderjarigen.
Gonnie Put
foto's: Reginald Dierckx
(28/05/2008)