|
Afgelopen maand stuurde de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) een Turkse Koerd terug naar Turkije zonder te wachten op een definitieve beslissing in de asielprocedure. De Koerd ontvluchtte zijn land uit angst voor vervolging en geweld. ‘Een asielzoeker terugsturen vóór het einde van de asielprocedure is een ernstige schending van het beginsel van “non-refoulement”, het meest fundamentele beginsel van het vluchtelingenrecht’, verklaart Els Keytsman, directeur van Vluchtelingenwerk Vlaanderen.
→ terug naar E-fugee nr.4  De DVZ reageerde in een Belgabericht van 14 april dat de asielaanvraag van de betrokkene inmiddels werd afgewezen en dat de ‘verwijdering naar Turkije dus niet meer illegaal is’. Vluchtelingenwerk en haar Franstalige zusterorganisatie Ciré betreuren deze reactie. De asielaanvraag kón immers niet worden goedgekeurd net omdat de Koerd niet langer in het land van de asielaanvraag verbleef. Volgens de regelgeving moet een asielzoeker zijn land van herkomst hebben verlaten, om zo bescherming te kunnen vragen tegen vervolging. De DVZ erkent zelfs impliciet dat de verwijdering op het moment dat de asielprocedure nog niet was afgesloten, wel illegaal was. De Koerd kreeg bovendien geen enkele kans om zich te verdedigen, aangezien hij al in Turkije was. De advocaat van de Koerd diende beroep in bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, de beroepsinstantie in de asielprocedure. De Raad bracht daarna de DVZ op de hoogte dat het beroep zou behandeld worden. ‘Toch stuurde de DVZ de Koerd terug naar Turkije. Het beginsel van “non-refoulement” verbiedt staten een vluchteling of asielzoeker terug te sturen naar gebieden waar zijn leven of veiligheid kan worden bedreigd. Zolang de asielprocedure loopt, heeft de staat zich nog niet definitief uitgesproken of deze bedreiging effectief aanwezig is. Een verwijdering is in dat geval illegaal,’ zegt Keytsman. Vluchtelingenwerk Vlaanderen en Ciré veroordelen deze verwijdering dan ook krachtig. De Koerd vroeg bij zijn aankomst in België eind januari de bescherming van de Belgische autoriteiten. Volgens de informatie die zijn familie aan zijn advocaat verstrekte, is zijn situatie momenteel zeer zorgwekkend. Uit angst om te worden gearresteerd, moet hij nu ondergedoken in Turkije verder leven. ‘Dergelijke grove schendingen gebeuren gelukkig niet frequent. Van zodra echter aan dit basisbeginsel van het vluchtelingenrecht getornd wordt, kunnen we aannemen dat de rechten van alle asielzoekers op het spel staan. Alle rechten van asielzoekers zijn immers opgehangen aan dit principe,’ vervolgt Keytsman. De DVZ en Staatssecretaris voor migratie en asielbeleid Melchior Wathelet beloofden om de “vergissing” recht te zetten. De DVZ schreef het incident toe aan een administratieve fout. ‘Dan zou de verwijdering evenzeer illegaal zijn en zou ze moeten worden rechtgezet. We blijven vragen dat alles in het werk wordt gesteld om de betrokken persoon zo snel mogelijk naar ons land te laten terugkeren opdat deze zijn recht op verdediging kan laten gelden. Enkele weken later kan de betrokkene nog steeds niet naar België terugkeren,’ zegt Keytsman. ‘Om te voorkomen dat dergelijke “fouten” in de toekomst nog gebeuren, vragen we ook dat de advocaat van een vreemdeling in een verwijderingsprocedure ten minste 24 uur op voorhand wordt verwittigd van het feit dat zijn cliënt wordt teruggestuurd,’ besluit Keytsman.
tags: asiel Dienst Vreemdelingenzaken asielprocedure gedwongen terugkeer 12.05.2010 → terug naar E-fugee nr.4 |